Mus: Spelhandleiding

Door een klik op de knop "nieuw spel" kan een nieuw spel aangemaakt worden. Hierbij kiest de speler wie aan het spel kan deelnemen, welke sterkte gewenst is etc. Natuurlijk staat het de speler vrij om een reeds aangemaakt spel van een medespeler aan te nemen.

Aan het begin van het spel krijgt de speler 4 kaarten, daaronder wordt de naam en het aantal punten van de speler getoond. Ernaast afgebeeld is een gezicht. Door hierop te klikken opent zich een overzicht van de verschillende gebaren die de speler kan gebruiken om met zijn medespelers te communiceren. Als de cursor op een gezicht geplaatst wordt, komt de informatie over dit gebaar tevoorschijn. Door een klik op het gebaar wordt het uitgevoerd. Alle spelers kunnen de gebaren zien. Voor de medespeler wordt het gezicht ook rond omrand, zodat hij dit beter ziet. Mocht de speler zijn partner toch niets mee willen delen, dan klikt hij eenvoudig weer op het gezicht naast zijn spelersnaam en het overzicht verdwijnt weer.

Aan de rechterkant van het speelveld is de chat te vinden alsook de knoppen "Spelerinfo", "Nieuwe vriend" etc.

Naast de speler die de voorhand is, wordt een roze hand aangetoond. Een groene pijl signaleert wie aan de beurt is. Is men aan de beurt, dan verschijnt er een rood uitroepteken en daarboven een balk waarin staat om welke weddenschap het gaat en hoe hoog de inzet op het moment is. Daaronder wordt een knop getoond met de acties die de speler bij zijn beurt kan doen. Is er de mogelijkheid om te verhogen, dan wordt onder deze knop een extra schuifregelaar afgebeeld. Door de schuiver te bewegen kan men de waarde die men wil verhogen wijzigen.

De aankondigingen van spelers worden door spreekballonnen afgebeeld. Hier worden ook vragen gesteld zoals "Passen?". Klikt de partner dan bijvoorbeeld op de "Toestemmen" knop, dan verdwijnt het vraagteken en de actie wordt door gevoerd.

Na de laatste ronde wedden wordt in het midden van het speelveld een lijst met details van iedere weddenschap getoond; de naam, de waarde van de inzet, de hoogte van de bonus (indien beschikbaar) en de naam van de winnaar (als er een winnaar is).

In het spel worden automatisch help-opties weergegeven. Het gaat hierbij om kleine vakjes die bruikbare tips over het spel geven. Om alle tips van een vak door te lezen gebruikt men de pijl naar links in het vakje. Heeft de speler deze tips niet nodig, dan klikt hij met de groene X de help weg. Mocht de speler dit vakje storend vinden, dan klikt hij op de rode X, ook dan worden de tips niet meer getoond. Heeft de speler de tips toch nog nodig, dan klikt hij eenvoudig op het bruine vraagteken. Mocht hij deze tips altijd afgebeeld willen hebben, dan moet hij bovendien in het vakje op de vraag "tips tonen?" klikken.

Spelregels

Mus is een kaartspel voor 4 spelers. Er wordt met een Spaans kaartenset, wat uit 40 kaarten bestaat, gespeeld. Men moet opletten dat alle 3en als koningen en alle 2en als azen tellen. Bij Mus zijn er dus 8 koningen en azen. Doel van het spel is het om 40 punten te bereiken. Aan het begin van het spel worden twee teams gemaakt die tegen elkaar spelen. De partners zitten altijd tegenover elkaar en hebben de mogelijkheid door signalen met elkaar te communiceren. Ieder speler krijgt 4 kaarten.

Aansluitend kunnen de spelers na elkaar "Mus" of "geen Mus" aankondigen. "Mus" betekent dat men de kaarten wilt ruilen. Zeggen alle andere spelers ook "Mus" dan wordt een gelijke hoeveelheid kaarten geruild (minstens één). Daarna wordt de "Mus"-vraag nog een keer gesteld. Zodra één speler "geen Mus" zegt, worden de kaarten niet geruild.

Nu worden vier weddenschaprondes doorlopen: grote en kleine wedden, paarwedden en spelwedden, of puntenwedden.

De grote weddenschap:
Het team met de hoogste kaarten wint. Hebben meerdere spelers de hoogste kaart dan telt de tweede hoogste kaart, enz.

De kleine weddenschap:
Hier wint het team met de laagste kaart. Hebben meerdere spelers de laagste kaart, dan telt de tweede laagste enz.

Het paarweddenschap:
Hier worden drie soorten onderscheiden: een paar (bijv: 7, 6, aas en 2) twee paar (bijv: koning, koning, 5, 5) een drieling (bijv: koning, koning, 3, 7). De speler met het hoogste paar wint. Een drieling is meer waar dan een paar. Twee paar telt meer als een drieling. Hebben twee spelers twee paar, en het hogere paar is hetzelfde, dan wint de speler met het hogere tweede paar. Bij een paarweddenschap worden de bij-kaarten niet geteld.

De spelweddenschap en puntenweddenschap:
Hier worden de puntentelling van de kaarten bij elkaar geteld. De volgorde van de spellen is  31, 32, 40, 37, 36, 35, 34, 33. Bezit een speler 31 punten, dan heeft hij het spel gemaakt en zijn team krijgt drie extra bonuspunten. Voor ieder ander spel krijgt een team 2 bonuspunten. Aan de spelweddenschap kunnen alleen die spelers meedoen waarbij hun kaartwaarde meer dan 30 is. Mocht een speler meer als 30 punten hebben, dan wordt het puntenweddenschap gespeeld. Hierbij worden de kaarten met elkaar vergeleken en het team met de hoogste waarde wint.

In deze wedrondes kunnen de teams punten verzamelen. Aan het begin van een wedronde kan een speler "verhogen" of "wachten" selecteren. Als bijvoorbeeld alle spelers bij een weddenschap "wachten" selecteren dan wordt om 1 punt gespeeld. Kiest een team "verhogen" dan kunnen ze met behulp van de schuifregelaar de hoogte instellen. Het andere team heeft de mogelijkheid te passen, te bekijken of ook te verhogen. Bekijken betekent dat het team de verhoging accepteert en hiermee dus een showdown wil. Passen, bekijken, of verhogen wordt altijd door één teamlid gedaan en de partner moet de gekozen actie toestemmen of een van de andere mogelijkheden kiezen. Heeft de eerste speler "bekijken" gekozen, heeft de partner niet meer de mogelijkheid om "passen" te kiezen. Heeft de eerste partner verhoogd, dan kan de tweede partner met de verhoging toestemmen of het bedrag verhogen. Voorbeeld: een speler van het team kiest "passen". Daarna krijgt zijn partner de vraag: "Passen?". De partner klik dan op de "Passen"-knop en de actie wordt bevestigd of hij kiest bekijken of verhogen.

Over het algemeen geldt, dat er bij het wedden geen verschillen zijn. Mochten twee spelers op hetzelfde moment op zijn, wint altijd de speler die dichter bij de voorhand zit. Mocht de voorhand bijvoorbeeld 31 punten hebben, en een andere speler heeft ook 31 punten, dan wint de voorhand deze spelweddenschap.

Wordt er gepast, dan krijgt de andere partij de laatst geaccepteerde verhoging. Voorbeeld: speler A verhoogt met 5, speler B wil daarna naar 20 verhogen, speler A passt en speler B wint daarmee 5 punten.

Bij wedden heeft de speler de mogelijkheid met behulp van de schuiver "Órdago" (op alles) te selecteren, dan wordt het namelijk een showdown. Kiest hij echter "passen", dan krijgt de andere partij de inzet van de laatste weddenschap.

Bij de paar- en spelweddenschappen wordt bij iedere speler afgebeeld of hij een paar of een spel heeft, of niet. Heeft geen speler een paar of spel, dan zijn er geen zulke weddenschappen deze ronde. Mocht maar één team een paar of een spel hebben, dan gaat die ronde naar dit team. Heeft per team maar 1 speler een paar of spel, dan wordt deze weddenschap tussen de beide spelers gespeeld. Mocht bij het spelweddenschap geen team 31 punten bereiken, dan wordt om het beste puntenaantal gewed.

Na het afronden van deze vier wedronden, leren de spelers via een lijst wie welke weddenschap heeft gewonnen. Zodra een team 40 punten bereikt heeft is het spel ten einde. Mocht een team al voor de laatste wedronde de 40 punten bereikt hebben, dan wint dit team het spel, behalve als de andere partij in een overgebleven ronde met "Órdago" wint. Bij "Órdago" worden de overige wedrondes niet meer gespeeld.

Tijdens het spel hebben de partners in een team de mogelijkheid met elkaar te communiceren. Dit gebeurd door het kiezen van een van de gezichten. Door de selectie kan de medespeler het volgende medegedeeld worden:

 
Gebaar Betekent
rechte mond geen
gesloten ogen „Mus nodig!“
in het midden van de onderlip bijten „Heb 2 koningen!“
linkerkant van de onderlip bijten „Heb 3 koningen!“
rechterkant van de onderlip bijten „Heb 3 koningen!“
Tong tonen „Heb 2 Azen!“
Tong naar links tonen „Heb 3 Azen!“
Tong naar rechts tonen „Heb 3 Azen!“
Wenkbrauwen verhogen „Heb 2 Paar!“
Wang scheeftrekken „Heb Drieling!“
Knipoog  „Heb 31!“
Mondkus „Heb 3 Koningen en Aas!“


Puntentelling

De kaarten hebben in deze volgorde de volgende waarde:

Koning/3: 10 punten
Ridder: 10 punten
Boer: 10 punten
7-4: gelijk aan de waarde op de kaart
Aas/2: 1 punt

Het aantal bij de weddenschap gewonnen punten zijn afhankelijk van de kaarten van de teams.

Mus: Inzet en winst

21.270 spelers online