Schapenkop: Spelhandleiding
- eikel
- loof
- harten
- bel
De individuele kaarten tellen als volgt:
| Aas | 11 punten |
| Tien | 10 punten |
| Heer | 4 punten |
| 'Ober' | 3 punten |
| 'Unter' | 2 punten |
| Negen | wordt niet geteld |
| Acht | wordt niet geteld |
| Zeven | wordt niet geteld |
Bij het roemen kan gekozen worden tussen partnerspellen (= 'Sauspiele') of enkelspellen. De rangorde van mogelijke spelsoorten staat hier vermeld:
| Solo-Tout Wenz-Tout Geier-Tout Solo Wenz Geier | 1 vs. 3 |
| Partnerspel ('Sauspiel') | 2 vs. 2 |
'Ober' en 'Unter' zijn troef bij alle spellen behalve 'Geier' en 'Wenz'. De rangorde bij deze spellen is:
Eikel 'Ober' – Loof 'Ober' – Harten 'Ober' – Bel 'Ober' – Eikel 'Unter' – Loof 'Unter' – Harten 'Unter' – Bel 'Unter'.
Bij partnerspellen ('Sauspiele') is harten ook nog troef. Bij enkelspellen kiest de spelmaker (zie 'Spelverloop') ook de troefkleur. Bij 'Geier' (Tout) is alleen 'Ober' troef en bij 'Wenz' (Tout) is alleen 'Unter' troef.
De rangorde van de slagen afgezien van troef is bij alle kleuren als volgt:
Aas – Tien – Heer – Negen – Acht – Zeven
Spelverloop
Aan het begin van het spel krijgen alle spelers 8 of 6 kaarten. Vervolgens wordt er om de beurt geroemd. De speler met de hoogste roem wordt de spelmaker. Is er geen roem, dan worden de kaarten opnieuw geschud en volgt er een volgende ronde. Wanneer er een spelmaker is bepaald, begint de speler die links naast de deler zit door een kaart te spelen. Voordat de 2e kaart wordt gespeeld, kan de tegenstander „stoßen“ zeggen (doubleren). Dit betekent dat deze tegenstander niet gelooft dat de spelende partij haar speldoel kan bereiken. De spelmaker kan nu redoubleren. Vervolgens worden alle kaarten gespeeld. De laatste slag mag telkens door alle spelers worden gezien.Bedienen
Bij het spelen moet steeds waar mogelijk kleur en troef worden bekend. Dit houdt in: spelers moeten een kaart spelen in de kleur die reeds is gespeeld, of wanneer troef is gespeeld, een troefkaart spelen, of deze nu hoger is of lager.Wie geen kaart heeft in de juiste kleur, kan of troef spelen - slaan - of een kaart spelen van een andere kleur. Op dezelfde manier mag een kaart naar keuze worden gespeeld wanneer men geen troef heeft.
Bij een partnerspel ('Sauspiel') moet de 'Ruf'-Aas worden gespeeld wanneer de 'Ruf'-kleur voor het eerst op tafel komt. Wanneer de 'Ruf'-kleur in de eerste zeven slagen niet op tafel komt, dan mag de 'Ruf'-Aas pas bij de laatste slag worden gespeeld.
Wanneer de speler die is geroepen speelt en de 'Ruf'-kleur wil spelen, dan kan dat alleen met behulp van de 'Ruf'-Aas. Wanneer men naast de 'Ruf'-Aas minstens nog 3 kaarten van dezelfde kleur heeft, dan mag men 1 van deze kaarten onder de Aas uitspelen. Na het "Davonlaufen" mag de 'Ruf'-Aas later nog aan een volgende slag worden toegevoegd.
De verschillende spelsoorten
Partnerspel ('Sauspiel')De spelmaker kiest zijn/haar partner door een Aas die hij/zij zelf niet heeft maar in een kleur waarin hij/zij minstens 1 kaart heeft uit te roepen tot 'Ruf'-Aas. De partner mag zich niet bekend maken; de partnerschap wordt pas tijdens het verloop van het spel duidelijk.
Geier
Bij dit spel zijn alle de 4 'Obers' troef. Eikel 'Ober' – Lof 'Ober' – Harten 'Ober' – Bel 'Ober'.
Wenz
Bij dit spel zijn alleen de 4 'Unters' troef. Eikel 'Unter' – Lof 'Unter' – Harten 'Unter' – Bel 'Unter'.
Solo
De spelmaker kiest de troefkleur.
Geier Tout
Net als 'Geier', maar de spelmaker moet alle slagen halen.
Wenz Tout
Net als 'Wenz', maar de spelmaker moet alle slagen halen.
Solo Tout
Net als 'Solo', maar de spelmaker moet alle slagen halen.
'Laufenden'
De 'Laufenden' bestaan uit een ononderbroken reeks 'Obers' en 'Unters' en wordt aan het einde van het spel toegekend. Bij een 'Rufspiel' of 'Solo' beginnen de 'Laufenden' met Eikel 'Ober'. Bij 'Wenz' beginnen ze met Eikel 'Unter'. Bij 'Geier' beginnen ze met Eikel 'Ober'.Eind van het spel
Aan het eind van het spel wordt opgeteld hoeveel punten de teams hebben behaald:- Wanneer een team tussen de 61 en 90 punten haalt, dan wint dit team.
- Behalen beide teams 60 punten, dan verliest het team met de spelmaker.
- Bij 91 of meer punten wint een team een zogeheten „Schneider“. Het team zonder spelmaker hoeft slechts 90 punten te halen om een „Schneider“ te behalen.
- Wanneer een team alle 8 slagen behaalt, dan wint het een „Schwarz“
Wanneer een team heeft gewonnen, dan tellen de spellen zoals beschreven in deze tabel:
| Spel | Punten |
| 'Ruf'-spel | 1 |
| Geier | 5 |
| Wenz | 5 |
| Solo | 5 |
| Geier Tout | 10 |
| Wenz Tout | 10 |
| Solo Tout | 10 |
| Schneider | + 1 |
| Schwarz | + 1 (bij de 'tout'-spellen zijn er geen "Schneider" en "Schwarz") |
| Laufenden | + 1 |
| Doubleren | Verdubbelt de waarde |
| Redoubleren | Verdubbelt de waarde |






